De beerput als bron van verandering
De oorsprong van de revolte kunnen we situeren in de beerputten van het Belgische stadje Leuven. Het was door uitgekiende analyse en bekendmaking van hun inhoud, dat de plaatselijke bevolking zich als eerste ging roeren: steeds duidelijker werd het hen, hoe voeding altijd al het grote wraakroepende verschil was geweest tussen rijk en arm. Uit de analyses van een reeks oude stedelijke beerputten, leerden ze dat hun nabije voorouders in meerderheid wegrotte aan de tering en de bolderik en hoe hun darmen een kweekkas werden van allerlei wormen, naast oorzaak van het wijd verspreidde bloedpissen. Dit terwijl een argeloze elite de fijnste eetwaren liet aanvoeren uit vruchtbare gebieden waar hele legers tot slavernij gedwongen boeren ten onder gingen aan het koude zweet en veralgemeende uitdroging. Doordat de tot links gerekende burgemeester van Leuven op een meesterlijke manier de historische link legde tussen de gruwelijke gevolgen van de voedselsystemen doorheen de tijden, ontstond grote beroering.
Rondom een archeologische site in het centrum van de stad, groeide het aantal mensen dat de vorderingen met eigen ogen wilde volgen. Een leegstaand huis in de buurt -plaatselijk het Tafelrond geheten- werd door de burgemeester opgeëist en werd het epicentrum van het hele gebeuren. Dagelijks waren er debatten met alle aanwezigen en met allerlei deskundigen zoals archeologen en geschiedkundigen, boeren en architecten, met dokters, vuilnisophalers en beerputruimers. Dit zogeheten 'archo-forum' (naar haar oorsprong in de archeologie) werd een model van samenwerking tussen universiteit en bevolking dat later door universiteiten in veel landen werd overgenomen als remedie voor de als hardnekkige kwaal omschreven 'ivoren toren'.
Luttele maanden na het blootleggen van de beerputten, besloot de gemeenteraad van Leuven tot het bannen van alle voeding uit het als 'imperialistisch' gebrandmerkte, internationale voedselsysteem. In de plaats ervan ontstond een nieuwe bedrijvigheid van producerende voedselcoöperatieven, met een jonge generatie boeren op de stedelijke landbouwgronden en een uitgekiende samenwerking met de omliggende streken Hageland en Dijleland. Zelfs verwierf de lokale horeca grote faam door de culinaire hang naar lokale producten helemaal uit te puren en ontstond er een kleinschalige kledingindustrie door een samenwerking van lokale boeren en een nieuwe generatie textielwevers die allemaal werkten op basis van het voordien ongekende hennep.
Sinds deze ontwikkelingen staan Leuven, haar beerputten en haar burgemeester, symbool voor een keerpunt in de urbane ontwikkeling: de ontwikkeling van steden op basis van rechtvaardigheid en duurzaamheid kwam in een stroomversnelling, en de rest is geschiedenis.


